Facebook
WhatsApp
LinkedIn

Kabinet van de President

Strikte controle op besteding middelen uit staatsobligatie voor sociale projecten

De regering heeft in februari dit jaar de bestaande 2035-obligatie uitgebreid met USD 265 miljoen. Hiervan wordt ongeveer USD 185 miljoen ingezet voor sociale projecten. Minister Adelien Wijnerman van Financiën en Planning heeft op vrijdag 21 augustus op een persconferentie aangegeven dat de middelen afkomstig zijn van investeerders en dat daarom duidelijke afspraken zijn gemaakt over de besteding. Dit gebeurt onder strikte controle. De middelen zijn inmiddels gestort op een speciale rekening en mogen uitsluitend worden aangewend voor vooraf vastgestelde projecten.

“Het zijn investeerders die geld hebben gegeven, dus zij hebben wel ervoor gezorgd dat alles goed is vastgelegd.” Volgens de bewindsvrouw moet aangegeven worden hoe zaken lopen en moet er een goede procurementregeling zijn. Om de besteding van de middelen te controleren, is een speciale board ingesteld. Daarin zijn onder meer Financiën, een team voor de monitoring vanuit de private sector en vertegenwoordigers van de ministeries die de projecten uitvoeren, vertegenwoordigd.

Volgens minister Wijnerman moet ieder project via deze board worden gecontroleerd. “Alle projecten die uitgevoerd worden, moeten lopen via zo een board en controleren en als alles goed verlopen, dan pas kunnen we tekenen voor de uitvoering van zo een project.” Daarnaast wordt aan het einde van elk jaar een audit uitgevoerd door een externe accountant. Daarbij worden alle projecten gecontroleerd om na te gaan of de middelen volgens de juiste procedures zijn besteed.

Met deze werkwijze wordt gewaarborgd dat de USD 185 miljoen daadwerkelijk wordt ingezet voor de projecten waarvoor het geld beschikbaar is gesteld. Op dit moment is ongeveer USD 3,1 miljoen betaald voor projecten die al lopen. Ongeveer 30 procent van het beschikbare bedrag is inmiddels toegewezen en voor verschillende projecten zijn contracten getekend. Het gaat onder meer om projecten binnen onderwijs, gezondheidszorg, jeugd en sport en het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV).