
Minister Adelien Wijnerman van Financiën en Planning heeft in De Nationale Assemblee (DNA) verdedigd waarom de regering de ingangsdatum van de Comptabiliteitswet 2024 met drie jaar wil verschuiven tot 2029. Volgens de bewindsvrouw – op donderdag 21 mei 2026 – is de volledige uitvoering van de wet op dit moment onrealistisch vanwege grote organisatorische, technische en financiële uitdagingen. Minister Wijnerman benadrukte dat de regering de wet niet wil intrekken, maar juist nadrukkelijk wil voldoen aan de wet.
Ze legde uit dat de Comptabiliteitswet 2024 officieel in werking trad op 1 januari 2025, nadat de wet eind december 2024 was afgekondigd. De regering die in juli 2025 aantrad, trof echter al een conceptbegroting aan die nog gebaseerd was op de Comptabiliteitswet 2019. Omdat de begroting uiterlijk 1 oktober 2025 moest worden ingediend, was er volgens minister Wijnerman onvoldoende tijd om binnen enkele maanden alle nieuwe regels en systemen van de Comptabiliteitswet 2024 volledig door te voeren.
“Eerlijkheidshalve moeten we stellen dat de ontwerpbegroting 2026 niet conform de Comptabiliteitswet 2024 heeft plaatsgevonden en ingediend”, stelde de bewindsvrouw. Volgens haar vereist de wet onder meer een begrotingsstrategie, een financieel vijfjarenplan, een budgetteringsnota en nieuwe begrotingsregels. Hoewel een staatsschuldenplan wel werd ingediend, ontbreken volgens de bewindsvrouw nog belangrijke onderdelen zoals het financiële vijfjarenplan en het plafond voor primaire uitgaven.
De minister wees verder op tekortkomingen binnen de overheid. “De huidige ICT-systemen die wij gebruiken voor de financiële administratie zijn niet toereikend”, zei ze. Ook ontbreekt voldoende gekwalificeerd personeel bij zowel Financiën als de vakministeries om de nieuwe processen direct uit te voeren. Training van functionarissen en betere samenwerking tussen ministeries zijn volgens haar noodzakelijk.
“Risicomanagement is het volgende. Want wij zijn van oordeel dat een gefaseerd aanpak de kans op fouten verminderen en betalingsproblemen voor de overgang zoveel mogelijk zal minimaliseren.” Dit alles benadrukt volgens de minister de noodzaak voor een verdere uitstel van de ingangsdatum. Minister Wijnerman stelde dat bij de goedkeuring van de wet eind 2024 onvoldoende rekening is gehouden met de voorwaarden voor implementatie.
De regering heeft inmiddels ondersteuning gevraagd aan het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Na consultaties in februari heeft het instituut aanbevolen om een transitieperiode in te lassen zonder de kern van de wet aan te passen. Eind mei start daarnaast een macro-economische expert van het IMF om samen met Financiën en de vakministeries verder te werken aan de begrotingsregels. Minister Wijnerman gaf aan dat het ministerie wil voldoen aan de wet. Ze stelde dat dit verzoek voor uitstel geen tijdelijke oplossing is zoals wordt beweerd, maar een tijdelijk uitstel voor een permanente oplossing.
De bewindsvrouw benadrukte dat een terugval op de Comptabiliteitswet 2019 geen vrijbrief is voor onverantwoord begrotingsbeheer en verzekerde dat de regering blijft werken aan modernisering van het financieel beheer en beter toezicht op de staatsfinanciën. “Wij kennen ons verantwoordelijkheid en we gaan ook voor een efficiënte beheer en toezicht op de staatsfinanciën”, aldus minister Wijnerman.