

Internationale samenwerking is volgens president Jennifer Simons cruciaal voor de ontwikkeling van Suriname. In dit kader is er in de afgelopen periode met verschillende regionale partners contact geweest voor samenwerking op meerdere gebieden. Tijdens de regeringspersconferentie op maandag 3 augustus 2026 heeft het staatshoofd de nadruk gelegd op het belang van regionale en internationale cq. bilaterale en multilaterale relaties. Ze deed dit ook vooral tegen de achtergrond van het Caricom-voorzitterschap, welke zij in januari 2027 overneemt van premier Philip J. Pierre van Saint Lucia.
Ter voorbereiding maakt president Simons in de zes maanden naar het voorzitterschap alvast deel uit van het bestuur van Caricom staatshoofden en regeringsleiders, bestaande uit de huidige voorzitter, de inkomende voorzitter en de recent uitgetreden voorzitter. Het staatshoofd gaf vervolgens aan dat er binnen de regionale samenwerking onder andere contact is geweest met Guyana, zowel fysiek als digitaal. Het lag in de bedoeling dat zij een tegenbezoek aan het buurland bracht, nadat zij ambtsgenoot Irfaan Ali in september vorig jaar in Nickerie had ontmoet.
President Simons zegt dat er ook actief contact is gelegd met de Dominicaanse Republiek en de Federatieve Republiek Brazilië; landen waarmee een aantal concrete afspraken zijn gemaakt. Partijen zijn volgens president Simons on speaking terms om verschillende projecten uit te werken. Het staatshoofd liet verder weten dat er met de Verenigde Staten van Amerika afspraken zijn gemaakt ten aanzien van dataverzameling over wat er in het achterland van Suriname gebeurt. De president benadrukt echter dat deze afspraken nog “door het parlement moeten komen”.
Naast de afspraken met de VS lopen er ook gesprekken met zuiderbuurland Brazilië over een gezamenlijke grensbewaking. Het streven van de regering is dat er in deze vijf jaar een duidelijke verbetering optreedt in het beheer van het Surinaamse binnenland. Daarnaast moet er ook ontwikkeling komen in de landbouw en het toerisme. Ten aanzien hiervan is er samenwerking met de Dominicaanse Republiek voornamelijk gericht op landbouw en toerisme. Volgens president Simons ligt het in de bedoeling een team, eventueel aangevuld met buitenlanders, samen te stellen om investeren in Suriname aantrekkelijk te maken.
De bedoelde werkgroep zou moeten helpen bijdragen dat investeerders correct worden begeleid en dat zaken eveneens op een correcte manier worden afgehandeld. Met het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij wordt de groeiende interesse binnen de agrosector bekeken. “Maar die moet dus ook op een goede manier verder begeleid worden”, aldus president Simons. Voor de toerismesector krijgt het staatshoofd volgende week weer bezoek van investeerders die geïnteresseerd zijn in Suriname. De hoop is erop gericht dat er in de komende maanden meer internationale investeerders interesse tonen.