Facebook
WhatsApp
LinkedIn

Kabinet van de President

Gronduitgiftebeleid behoeft noodzakelijke hervorming voor verdere ontwikkeling

Het gronduitgiftebeleid in Suriname behoeft noodzakelijke hervorming voor de verdere ontwikkeling van het land. Dit heeft president Jennifer Simons op vrijdag 10 juli 2026 laten doorschemeren bij de uitreiking van grondpapieren in Nickerie. Ruim 180 bewoners van het district hebben hun documenten in ontvangst mogen nemen op de dependance van het ministerie van Grondbeleid en Bosbeheer (GBB) aan de R.P.Bharrosstraat. Het staatshoofd legde In aanwezigheid van onder anderen GBB-minister Stanley Soeropawiro, parlementsvoorzitter Ashwin Adhin en districtscommissaris Nisha Kurban de nadruk op wetgeving.

Volgens president Simons werkt de regering aan wetgeving om het gronduitgiftebeleid te wijzigen c.q. verbeteren. Ze merkte op dat het grondenvraagstuk in Suriname altijd een hoofdpijn is geweest en dat er in het verleden vaak oneerlijk hiermee is omgegaan. Het staatshoofd is van mening dat grond van de staat is en bestemd voor burgers om zich te ontwikkelen, in hun behoeften te voorzien en te produceren. Suriname heeft volgens haar genoeg land voor elke Surinamer om te wonen en te leven. “Maar niet om aan een paar Surinamers honderden duizenden hectare te geven en er niets mee te doen.”

Het staatshoofd wil samen met de GBB-minister en De Nationale Assemblee (DNA) hier verandering in brengen. “Het is de hoogste tijd om de wetgeving ten aanzien van het uitgeven van grond aan te passen. Want de overheid geeft grond uit met een doel. Ik weet niet wie van u hier grond nodig heeft voor huisvesting, om een winkel op te zetten, of wie misschien grond nodig heeft om aan landbouw te doen. Maar het is nodig en het gaat ook gebeuren, als het aan mij ligt, dat wij in onze wetgeving die we aan het voorbereiden zijn, veel duidelijker zullen aangeven waarvoor u een stuk grond krijgt”, sprak de president.

Volgens het staatshoofd zal dit betekenen dat in de toekomst mensen geen grond meer zullen krijgen voor woning en bebouwing, maar voor huisvesting, tuinbouw, een sociaal doel of voor commerciële doeleinden. De grond, die de overheid uitgeeft, moet naar zeggen van president Simons een plan hebben en als er daadwerkelijk is uitgegeven, moet dat plan voor de bevolking gerealiseerd worden. “Het betekent dat we niet in de wilde weg overal kunnen doen wat we willen. Maar dat er een plan is waar mensen gaan wonen”, stelde de president. 

Ze gaf aan dat ook de overdracht en verlenging van gronden worden vergemakkelijkt. Dit moet in de toekomst rechtstreeks via de notaris en de Dienst der Domeinen worden geregistreerd, zodat men niet meer jarenlang hoeft te wachten op de handtekening van de minister. Daarnaast wil de president een stop zetten achter het vervallen van grondhuur na veertig jaar, als er een woning op de grond staat. Het staatshoofd zei dat in het verleden personen bij GBB misbruik hebben gemaakt van die vervaltermijn om zich huizen van mensen toe te eigenen.

“We gaan het niet meer toestaan. Wanneer u grond heeft gekregen voor huisvesting of voor commercieel gebruik. Dan moeten we zeggen dat de overheid heeft besloten dat dit stuk grond bestemd is voor huisvesting of voor commercieel gebruik, winkel of anders. En de overheid blijft dat vinden totdat er een formele verandering van beleid komt”, aldus de president. Als mensen de grond echter niet gebruiken, het huis niet bouwen of geen landbouw doen, gaat de grond volgens haar in de nieuwe wet automatisch vervallen en komt het terug in de boezem van de staat.

President Simons meent dat veel landbouwgrond nog ongebruikt ligt, hetgeen de ontwikkeling achterhoudt. Ze stelde dat de wet duidelijk is, maar dat zij meer zekerheid voor grondhuur wil. Verder moet de overheid duidelijker vaststellen waarvoor grond wordt uitgegeven. “We moeten die grondhuurtitel versterken”, benadrukte het staatshoofd. Zij riep parlementariërs op om mee te helpen aan stevige wetgeving. Eveneens werd de GBB-minister opgeroepen om zich te blijven inzetten en het daartoe te leiden dat burgers de garantie hebben voor een dak boven het hoofd.