Facebook
WhatsApp
LinkedIn

Kabinet van de President

Specifieke voorwaarden voor woningbouwkrediet Nationaal Woningbouwfonds

Met de aanstelling van de nieuwe directie is de wet Nationaal Woningbouwfonds uit 2019 officieel operationeel gemaakt om de beschikbaarheid van adequate huisvesting voor bredere lagen van de Surinaamse bevolking te vergroten. Directeur Anushka Ramjielal legde tijdens de lancering van het Nationaal Huisvestingsprogramma Suriname (NaHuSur) op het Reebergproject uit welke de specifieke voorwaarden, inkomenscategorieën zijn waaraan burgers moeten voldoen om in aanmerking te komen voor een leenbedrag uit het woningbouwkrediet.

Volgens haar richt het fonds zich uitsluitend op personen uit de lagere, midden- en hogere inkomensgroepen die hun eerste gezinswoning willen realiseren. Om in aanmerking te komen voor een persoonlijk krediet, gelden er strikte basiseisen. Aanvragers moeten meerderjarig zijn en de Surinaamse nationaliteit bezitten. Daarnaast mag men bij bouw, renovatie of koop niet reeds direct of indirect beschikken over ander onroerend goed. Ook mag de aanvrager niet eerder uit een woningbouwkrediet hebben ontvangen bij een andere instelling, tenzij er sprake is van een officieel vastgestelde noodsituatie of overmacht.

De kredieten worden verdeeld op basis van het gezamenlijke netto maandinkomen van een huishouden:

•Categorie A, Groep 1: Voor huishoudens met een gezamenlijk netto maandinkomen tussen de SRD 12.000 en SRD 20.000 bedraagt de rente 3% van de leensom, met een maximaal krediet van SRD 750.000 per kredietnemer.

•Categorie A, Groep 2: Voor huishoudens met een gezamenlijk netto maandinkomen tussen de SRD 20.000 en SRD 35.000 bedraagt de rente 5% van de leensom, met een maximaal krediet van SRD 1,2 miljoen.

Daarnaast financiert het fonds erkende non-profit wooncorporaties (Categorie B) voor de bouw van huur- of huurkoopwoningen. Voor de Stichting Volkshuisvesting is de rente vastgesteld op 3% met een maximale bouwprijs van SRD 750.000 per woning. Voor overige erkende non-profit wooncorporaties geldt een rentepercentage van 5% en een maximale bouwprijs van SRD 1,2 miljoen.

Volgens Ramjielal is wettelijk vastgesteld dat de minimale woonoppervlakte voor de eerste bouwfase van een zogeheten ‘groeiwoning’ 28 vierkante meter bedraagt. Deze woning moet fysiek in minimaal twee fasen uitgebreid kunnen worden, waarbij de volledige geprojecteerde eind-omvang al op de bouwtekening moet staan. De maximale woonoppervlakte is voor groep 1 en de Stichting Volkshuisvesting gesteld op 75 vierkante meter, en voor groep 2 en de overige corporaties op 90 vierkante meter.

De directeur gaf aan hoe de praktische afhandeling zal plaatsvinden. “De kredieten zullen via de lokale banken verstrekt worden. Ook zullen er aanvraagformulieren zijn die ingediend moeten worden. Daarna zal ook gewerkt worden aan een website en een newsletter om regelmatig informatie te verstrekken over het fonds en natuurlijk over de status van de leningen, van de aanvragen”, zegt Ramjielal. Ze deed een directe oproep aan behoeftigen en geïnteresseerden om zich te melden voor de nieuwe regeling.