
In het aankomend overleg met de gezamenlijke onderwijsbonden zal de regering het belang van de studenten vooropstellen. Aangezien leerlingen zullen starten met de laatste fase van het schooljaar, wil minister Dirk Currie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur zo snel mogelijk met de bonden aan tafel zitten. Het ministerie en de bonden moeten over de oplossingsmodellen met elkaar in overleg blijven om te zorgen dat er niet weer een achterstand gaat ontstaan. Dit liet de minister weten in een vraaggesprek met de Communicatie Dienst Suriname.
De bewindsman geeft aan dat het ministerie, samen met de relevante collega-ministeries die nodig zijn voor de verwerking, er alles aan doet om de achterstanden in te lopen. De achterstanden hebben volgens hem te maken met de trage en lange procedures binnen het overheidsapparaat. De bewindsman moest bij zijn aantreden zelfs nog stukken van voor 2020 tekenen. Hij zegt dat de in de brief opgesomde knelpunten, zoals gratificaties en het inschalen van leerkrachten, terecht aangehaald zijn. Het ministerie kijkt echter naar een structurele aanpak; er is een werkgroep ingesteld om vijf procedures in kaart te brengen, vast te leggen en de processen in te korten om stukken sneller te verwerken, zodat mensen tijdig over hun financiële middelen beschikken.
Ten aanzien van de alarmerende braindrain is de regering zich ervan bewust dat de beloning in de overheidssector achterloopt en moet worden aangepast. Dit is volgens de bewindsman een zorgpunt van heel Suriname, waarover de president en de vicepresident al met de bonden in overleg zijn gegaan. Minister Currie benadrukt wel dat dit heel erg voorzichtig moet worden benaderd, om te zorgen dat de koers niet op hol raakt en looncorrectie niet leidt tot een inflatie of instabiliteit van de koers. Hij is bereid te werken aan snelle oplossingen zodat het onderwijsproces niet vastloopt.
Morgen, maandag 1 juni, om 9 uur is de directie van het ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur erbij en de bonden zullen voor 12 uur worden uitgenodigd door de presidentiële commissie om in gesprek te gaan.