Facebook
WhatsApp
LinkedIn

Ministerie van Buitenlandse Zaken,
Internationale Handel & Samenwerking

Suriname pleit bij ECLAC voor sterkere strategische samenwerking en aandacht voor nationale ontwikkelingsprioriteiten

Santiago de los Caballeros, Dominicaanse Republiek – 7 oktober 2026 Hoe kunnen landen in Latijns-Amerika en het Caribisch gebied beter samenwerken om economische groei, nieuwe banen en duurzame ontwikkeling mogelijk te maken? En hoe zorgen we ervoor dat regionale samenwerking ook daadwerkelijk iets oplevert voor de bevolking?

Deze vragen staan centraal tijdens de 41ste vergadering van de Economische Commissie voor Latijns-Amerika en het Caribisch Gebied (ECLAC), die van 7 tot en met 9 oktober plaatsvindt in de Dominicaanse Republiek. Suriname neemt deel aan deze bijeenkomst met een duidelijke boodschap: regionale samenwerking moet niet alleen helpen om gezamenlijke uitdagingen aan te pakken, maar ook bijdragen aan het realiseren van nationale ontwikkelingsdoelen.

De wereld verandert snel. Internationale spanningen, economische onzekerheid en de opkomst van nieuwe technologieën stellen landen voor grote uitdagingen. Tegelijkertijd ontstaan er kansen voor economische groei, innovatie en nieuwe vormen van samenwerking.

Tijdens de openingsdag presenteerde ECLAC het rapport Managing Transformations in an Era of Ruptures. Daarin wordt benadrukt dat landen niet alleen moeten inspelen op veranderingen, maar ook zelf richting moeten kunnen geven aan hun ontwikkeling. Dat vraagt om sterke overheidsinstellingen, goed beleid, investeringen in mensen en technologie, en nauwere samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties.

Voor kleinere economieën, zoals Suriname, is die samenwerking van bijzonder belang. Niet ieder land beschikt immers over dezelfde middelen, kennis of mogelijkheden om grote economische veranderingen zelfstandig aan te pakken.

Tijdens de eerste dialoog van ministers van Buitenlandse Zaken en andere hoge vertegenwoordigers benadrukte de Surinaamse delegatie van het Ministerie van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking het belang van een sterkere en meer gerichte samenwerking met ECLAC.

Suriname ziet voor ECLAC een belangrijke rol weggelegd, niet alleen als organisatie die onderzoek verricht en beleidsadviezen geeft, maar vooral als strategische ontwikkelingspartner die landen helpt om plannen om te zetten in concrete resultaten. Daarbij gaat het onder meer om technische ondersteuning, het versterken van overheidsinstellingen, economische diversificatie, digitale ontwikkeling en het verantwoord inzetten van kunstmatige intelligentie. Suriname wil nadrukkelijker gebruikmaken van de kennis en expertise die ECLAC in huis heeft om nationale ontwikkelingsvraagstukken aan te pakken.

Een ander belangrijk punt dat Suriname naar voren bracht, is dat nationale ontwikkelingsprioriteiten sterker moeten doorwerken in de regionale agenda. Landen in de regio hebben veel uitdagingen gemeen, zoals het creëren van werkgelegenheid, het versterken van hun economie, het verbeteren van transportverbindingen en het voorbereiden van jongeren op een veranderende arbeidsmarkt.

Suriname benadrukte daarom het belang van een regionale aanpak die voldoende ruimte biedt voor de specifieke uitdagingen van kleinere economieën. Wat voor Suriname een nationale prioriteit is, kan immers ook van belang zijn voor andere landen in de regio. Door deze vraagstukken gezamenlijk op de agenda te plaatsen, ontstaan meer mogelijkheden voor samenwerking, kennisuitwisseling en gerichte ondersteuning. Suriname wil op die manier niet alleen profiteren van regionale samenwerking, maar ook actief bijdragen aan het bepalen van de gezamenlijke ontwikkelingsagenda.

In de Surinaamse bijdrage werd ook stilgestaan bij de nieuwe economische fase die het land tegemoet gaat met de ontwikkeling van de offshore olie- en gassector. Deze ontwikkeling biedt belangrijke kansen om te investeren in andere sectoren van de economie, onderwijs, technologie en betere voorzieningen voor de bevolking. Daarbij benadrukte Suriname dat economische groei niet mag leiden tot een nieuwe afhankelijkheid van één sector. Het doel moet juist zijn om de economie breder en sterker te maken en de natuurlijke rijkdommen van het land verantwoord te benutten.

Ook de bijzondere geografische positie van Suriname, als verbinding tussen het Caribisch gebied en Zuid-Amerika, werd onder de aandacht gebracht. Meer samenwerking op het gebied van handel, transport, energie en digitale verbindingen kan niet alleen Suriname, maar de hele regio ten goede komen.

Gastland Dominicaanse Republiek plaatste tijdens de opening de mens centraal in het ontwikkelingsvraagstuk. President Luis Abinader benadrukte dat economische groei pas echt betekenis heeft wanneer de bevolking daarvan profiteert. Hij presenteerde het nationale ontwikkelingsplan Meta RD 2036, waarmee de Dominicaanse Republiek haar economie binnen tien jaar wil verdubbelen, 1,7 miljoen nieuwe banen wil creëren en extreme armoede wil uitbannen. Ook vicepresident Raquel Peña onderstreepte het belang van sterkere regionale samenwerking, meer onderlinge handel en gezamenlijke inspanningen om de regio weerbaarder te maken.

De 41ste ECLAC-vergadering maakt duidelijk dat de landen van Latijns-Amerika en het Caribisch gebied voor een gezamenlijke opgave staan: hoe zetten zij hun mogelijkheden om in duurzame vooruitgang voor hun bevolking? Voor Suriname ligt daarbij een belangrijke kans in het verdiepen van de samenwerking met ECLAC en het beter verbinden van nationale ontwikkelingsdoelen met regionale initiatieven.

De inzet is om verder te gaan dan het uitwisselen van ideeën en beleidsadviezen. Suriname wil komen tot meer gerichte strategische en technische ondersteuning, praktische samenwerking en initiatieven die aansluiten bij de behoeften van het land. De kern van de Surinaamse boodschap is dan ook helder: regionale samenwerking moet nationale ontwikkeling versterken, terwijl nationale prioriteiten mede richting moeten geven aan de regionale agenda.

Op die manier kan ECLAC voor Suriname niet alleen een platform voor overleg zijn, maar vooral een partner bij het realiseren van tastbare en duurzame ontwikkeling. De delegatie van Suriname bestaat uit de Directeur Internationale Samenwerking, mw. Elizabeth Bradley en mw. Charissa Dhauri, Desk Officer van de afdeling Duurzame Ontwikkeling.