
Het Ministerie van Olie, Gas en Milieu (OGM) en het United Nations Development Programme (UNDP) hebben op maandag 17 augustus 2026 een overeenkomst ondertekend voor de ontwikkeling van Suriname’s eerste klimaat- en transparantierapportages. Minister Patrick Brunings ondertekende de overeenkomst namens het Ministerie van Olie, Gas en Milieu, terwijl UNDP werd vertegenwoordigd door Ms. Katy Tompson, Representative of the UNDP. De rapportages moeten inzicht geven in onder meer de uitstoot van broeikasgassen, de voortgang van de nationale klimaatdoelen, de gevolgen van klimaatverandering en de ondersteuning die Suriname nodig heeft.
De samenwerking richt zich op de ontwikkeling van Suriname’s eerste Biennial Transparency Report (BTR1) en het gecombineerde Fourth National Communication en Second Biennial Transparency Report (NC4/BTR2). Het project heeft een looptijd van 52 maanden, van juli 2026 tot en met november 2030, en wordt ondersteund met een subsidie van USD 1,233 miljoen uit het GEF Trust Fund.
Transparantie over klimaatbeleid
De rapportages maken deel uit van het Enhanced Transparency Framework (ETF) onder Artikel 13 van het Klimaatakkoord van Parijs. Het kader is bedoeld om landen op een transparante manier te laten rapporteren over hun klimaatactie en de ondersteuning die zij ontvangen en nodig hebben.
Voor Suriname betekent dit dat onder andere informatie wordt verzameld over de uitstoot van broeikasgassen, de voortgang bij het behalen van de nationale klimaatdoelen, de gevolgen van klimaatverandering en maatregelen voor aanpassing. Ook wordt informatie verzameld over financiële, technische en technologische ondersteuning die Suriname heeft ontvangen of nodig heeft.
Volgens minister Brunings gaat het belang van de rapportages verder dan het voldoen aan een internationale verplichting. De verzamelde gegevens zijn nodig om het nationale klimaatbeleid verder te versterken en de capaciteit voor onder meer klimaatrapportage en klimaatgerelateerde besluitvorming op te bouwen.
Samenwerking en nationale capaciteit
Het project werkt volgens een zogenoemde “learning-by-doing”-aanpak. Hierbij wordt tijdens het opstellen van de rapportages tegelijkertijd nationale kennis en capaciteit opgebouwd.
Een belangrijk onderdeel is het verbeteren van de nationale broeikasgasinventaris. Daarnaast wordt gewerkt aan het volgen van de voortgang van de nationale klimaatdoelen, informatie over klimaatimpact en adaptatie en informatie over ontvangen en benodigde financiële, technische en capaciteitsondersteuning.
Omdat de benodigde informatie afkomstig is uit verschillende sectoren, is samenwerking tussen verschillende ministeries, organisaties en andere betrokken partijen noodzakelijk.
Het project bestaat uit drie componenten: de ontwikkeling van het eerste BTR, de ontwikkeling van het gecombineerde NC4/BTR2 en monitoring en evaluatie. Het BTR1 staat gepland voor indiening in december 2027. Het gecombineerde NC4/BTR2 staat gepland voor indiening in december 2029.
UNDP benadrukt belang van begrijpelijke communicatie
Ms. Katy Tompson benadrukte namens UNDP dat de samenwerking aansluit bij de inzet van UNDP om overheden te ondersteunen bij milieubescherming, het aanpakken van de klimaatcrisis en het bevorderen van transparantie en goed bestuur.
Zij benadrukte daarnaast het belang van communicatie over dit soort technische processen op een manier die ook voor mensen die geen specialist zijn begrijpelijk is. Volgens Tompson mogen de vele technische termen en afkortingen niet verhullen waarom deze rapportages belangrijk zijn.
De rapportages geven volgens haar inzicht in de inspanningen van een land op het gebied van klimaat en laten zien dat het land bereid is hierover transparant te zijn tegenover zowel de eigen bevolking als de internationale gemeenschap.
Tompson sprak haar waardering uit voor de regering van Suriname en het betrokken team voor hun inzet om de financiering voor het project te verkrijgen. Zij gaf verder aan dat het GEF steeds strengere eisen stelt aan de uitvoering van programma’s en dat UNDP Suriname zal blijven ondersteunen bij het voldoen aan de vereiste kwaliteitsniveaus en tijdslijnen.
Rapportages als basis voor betere informatie
Het project moet bijdragen aan een sterker systeem voor het verzamelen en rapporteren van klimaatdata. Daarmee wordt onder meer gewerkt aan een robuuster systeem voor monitoring, rapportage en verificatie en aan verbetering van de kwaliteit en samenhang van de beschikbare gegevens.
De informatie moet daarnaast bijdragen aan het onderbouwen van de uitvoering van de nationale klimaatdoelen en de Green Development Strategy.
Een ander verwacht resultaat is dat Suriname zijn behoeften aan internationale klimaatfinanciering beter kan onderbouwen. Betrouwbare en tijdige rapportages kunnen daarbij bijdragen aan de internationale positie van Suriname en de toegang tot klimaatfinanciering.
Met de ondertekening van de overeenkomst zetten het Ministerie van Olie, Gas en Milieu en UNDP de samenwerking voort gericht op het versterken van Suriname’s capaciteit voor klimaatrapportage, transparantie en het gebruik van klimaatdata voor beleid.