Facebook
WhatsApp
LinkedIn

Ministerie van Olie, Gas en Milieu

Ministerie van Olie, Gas en Milieu zet stappen naar versterking nationale aanpak van vervuilingsincidenten

Het Ministerie van Olie, Gas en Milieu (OGM) werkt aan de verbreding van het huidige National Oil Spill Contingency Plan naar een nationale aanpak voor verschillende vormen van vervuiling. In dat kader kwamen op 13 augustus 2026 belangrijke stakeholders bijeen om te bespreken hoe de nationale voorbereiding en respons op vervuilingsincidenten verder kunnen worden ontwikkeld, als voorbereiding op een mogelijk bredere workshop over het vernieuwde plan.

Herziening huidig spillplan

De bijeenkomst vond plaats tegen de achtergrond van de herziening van het huidige National Oil Spill Contingency Plan. Minister Brunings gaf aan dat dit plan momenteel wordt herzien en dat daarbij wordt gekeken naar de mogelijkheid om het bestaande plan, dat sterk gericht is op offshore olieverontreiniging, te verbreden naar een nationaal plan voor de aanpak van verschillende vormen van vervuiling. 

De minister gaf aan dat de stakeholdersmeeting bedoeld was om gezamenlijk te brainstormen over de wijze waarop dit proces verder kan worden gebracht. Deze bijeenkomst vormt daarmee een voorbereidende stap richting een mogelijk bredere workshop, waarin de betrokken partijen verder kunnen bespreken en bepalen hoe het vernieuwde nationale plan moet worden vormgegeven. 

Naar een bredere nationale aanpak

Tijdens de stakeholdersmeeting werd overeenstemming bereikt dat de nationale voorbereiding zich moet richten op alle vormen van vervuiling in heel Suriname, inclusief de territoriale wateren en de Exclusieve Economische Zone (EEZ). Dit betekent een verbreding ten opzichte van het huidige National Oil Spill Contingency Plan, dat voornamelijk gericht is op olieverontreiniging in het mariene milieu. 

De bijeenkomst bracht verschillende betrokken stakeholders bijeen. De deelnemers bespraken onder meer de samenstelling van het voorgestelde comité en de noodzaak om ervoor te zorgen dat alle relevante stakeholders worden betrokken. Daarbij werden onder andere de Maritieme Politie, het Openbaar Ministerie, het Ministerie van Justitie en Veiligheid, het Ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme en het Ministerie van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking genoemd als mogelijke aanvullende stakeholders.

Daarnaast werd gesproken over het opstellen van een formeel voorstel aan de Raad van Ministers voor de instelling van een comité dat de ontwikkeling van de nationale voorbereiding op vervuilingsincidenten moet begeleiden. Daarbij wordt ook nagegaan of een eerder ingesteld National Plan Committee nog actief is en of de bestaande structuur kan worden gebruikt of opnieuw moet worden ingesteld. 

De deelnemers bespraken verder de mogelijkheid om lessen uit eerdere incidenten en oefeningen mee te nemen bij de verdere ontwikkeling van het nationale plan. Een oefening die in oktober 2025 werd uitgevoerd, had onder meer tekortkomingen in communicatie, rollen en verantwoordelijkheden aan het licht gebracht.

Voorbereiding op vervolgstappen

De verdere werkzaamheden zullen zich richten op de ontwikkeling van het vernieuwde nationale plan en de voorbereiding van een eendaagse workshop voor de belangrijkste stakeholders. Tijdens deze workshop zullen de voorgestelde aanpassingen aan het plan en het verdere ontwikkelingsproces worden besproken. 

De noodzaak om de nationale voorbereiding verder te versterken wordt volgens minister Brunings mede ingegeven door de activiteiten die momenteel al in het binnenland en offshore plaatsvinden en de verwachting dat de offshoreactiviteiten richting 2028 verder zullen toenemen.

Met deze stappen wordt gewerkt aan de verdere ontwikkeling van de nationale voorbereiding op vervuilingsincidenten, waarbij aandacht is voor de betrokken partijen, hun rollen en verantwoordelijkheden en de verdere ontwikkeling van het nationale plan.