De minister van Openbare Werken en Ruimtelijke Ordening, ir. Stephen Tsang, heeft op maandag 19 januari een werkbezoek gebracht aan het district Commewijne. Het bezoek stond in het teken van het inventariseren van de stand van zaken binnen het district, het aanhoren van knelpunten en het afstemmen van de verdere aanpak van werkzaamheden op het gebied van infrastructuur en beheer.
Het districtshoofd van Commewijne, Mohamedoemar Jimidar, gaf aan dat het district het ministerie dagelijks ondersteunt bij ondersteunende werkzaamheden, met name richting Paramaribo. Sinds de overname van zijn functie is vastgesteld dat er sprake is van een aanzienlijke achterstand in de uitvoering van werkzaamheden van Openbare Werken. Met name de sterk overwoekerde bermen vragen volgens het district om een stevige en versnelde aanpak.
De districtscommissaris van Commewijne, Radjiv Ramsahai, verwelkomde het bezoek van de minister en plaatste dit in een bredere toekomstvisie voor het district. Commewijne zal in de komende jaren een belangrijke rol vervullen in de nationale ontwikkeling, mede in het licht van investeringen binnen de olie- en gassector. Daarbij werd gewezen op de noodzaak om tijdig te investeren in de infrastructuur van het district. Tegelijkertijd kan Commewijne een bijdrage leveren aan het ontlasten van het verkeer in Paramaribo, onder meer door toekomstige infrastructurele verbindingen in het noordelijk deel van het land, die het verkeer richting het zuiden kunnen verbeteren.
Namens het coördinatie- en aansturingsteam riep John Lecton op om zo veel mogelijk aansluiting te zoeken bij de door de minister vastgestelde planning. Daarbij werd het belang genoemd om werkzaamheden waar mogelijk in eigen beheer uit te voeren, met als doel kostenbeheersing en een efficiëntere uitvoering. De ondersteuning van alle betrokkenen werd hierbij als essentieel aangemerkt.
Minister ir. Stephen Tsang gaf aan dat het werkbezoek onderdeel is van een bredere ronde langs alle locaties van Openbare Werken in de districten. De minister acht het van groot belang om de medewerkers in het veld te horen en stelt hoge eisen aan de organisatie om de noodzakelijke taken uit te voeren. De eerste 6 maanden van zijn ambtstermijn zijn besteed aan interne ordening, waarna nu de focus ligt op het bezoeken van de districten en het ophalen van lokale aandachtspunten. In dat kader sprak de minister zijn waardering uit voor de samenwerking met het districtsbestuur en voor de rol van ressortraads- en districtsraadsleden als schakel tussen overheid en samenleving. Tot slot werd gewezen op het belang van landelijke bewustwording, waarbij burgers worden gestimuleerd hun leefomgeving schoon en ordelijk te houden.

