In het dorp Grankreek heeft onlangs een bijeenkomst plaatsgevonden naar aanleiding van zorgen vanuit de gemeenschap over grondactiviteiten in het gebied. De bijeenkomst werd bijgewoond door minister Stanley Soeropawiro van Grondbeleid en Bosbeheer, de DNA-leden Bronto Somohardjo en Jayant Lalbiharie, alsook de districtscommissaris van Saramacca, Aniel Ramautar. Tevens waren de kapitein, basja’s en een groot aantal bewoners van Grankreek aanwezig.
Tijdens de bijeenkomst is toegelicht dat in de jaren 2020 en 2021 gronden in het gebied nabij de Kurkuruweg zijn uitgegeven met een landbouwbestemming. Vanuit de gemeenschap werd echter aangegeven dat er momenteel activiteiten plaatsvinden waarbij zand wordt afgegraven en verkocht. Daarbij is benadrukt dat een wijziging van de bestemming van landbouw naar zandafgraving uitsluitend kan plaatsvinden via het Ministerie van Grondbeleid en Bosbeheer en volgens de daarvoor geldende procedures.
Voorts werd aangegeven dat er volgens de beschikbare informatie meerdere concessiehouders actief zouden zijn in het gebied. De aanwezige dorpbewoners gaven aan geen bezwaar te hebben tegen landbouwactiviteiten, maar spraken hun bezorgdheid uit over mogelijke schade aan het gebied als gevolg van afgravingswerkzaamheden. Ook werd tijdens de bijeenkomst aangegeven dat één van de betreffende gronden op naam staat van mevrouw Ramdad. Volgens de beschikbare gegevens is bij het ministerie geen overdracht van deze grond geregistreerd.
Daarnaast kwam de demarcatie van het dorp aan de orde. Hierbij werd aangegeven dat voor een structurele regeling van dorpsgrenzen duidelijke wetgeving vereist is, die door De Nationale Assemblée van Suriname moet worden vastgesteld.
De kapitein bracht tevens een oudere kwestie onder de aandacht, waarbij werd aangegeven dat in 2009 een terrein van ongeveer 38 hectare tussen het dorp en het betreffende gebied zou zijn uitgegeven en verkaveld in circa 400 kavels. Volgens de gemeenschap zou dit gebied mogelijkheden kunnen bieden voor jongeren uit het dorp. Er is gevraagd om deze situatie nader te laten onderzoeken.
Tijdens de bijeenkomst is eveneens verzocht om de afgravingswerkzaamheden stop te zetten. De districtscommissaris gaf aan dat de werkzaamheden inmiddels zijn stilgelegd en riep de gemeenschap op tot kalmte terwijl het onderzoek wordt voortgezet.
De betrokken instanties zullen de situatie nader onderzoeken. In dit kader zijn de aangelegenheden voor verdere behandeling en beoordeling overgedragen aan het Ministerie van Grondbeleid en Bosbeheer en het Ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen.


