Gran Krutu brengt traditionele gezagsdragers en overheid bijeen voor REDD+-voorstel

Het Ministerie van Olie, Gas en Milieu (OGM) heeft op 13 en 14 april 2026 in Paramaribo een tweedaagse Gran Krutu georganiseerd met traditionele gezagsdragers van Inheemse en Tribale Volkeren. De bijeenkomst markeert de aftrap van een breder consultatieproces, met als doel te komen tot een inclusieve en rechtvaardige invulling van klimaatfinanciering voor Suriname.
De bijeenkomst werd georganiseerd door het Ministerie van OGM, in samenwerking met het Ministerie van Regionale Ontwikkeling (RO), en gefaciliteerd door de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties (FAO). Aan tafel zaten granmans, kapiteins en andere traditionele gezagsdragers van Inheemse en Tribale Volkeren en plantagegemeenschappen, naast vertegenwoordigers van de overheid en internationale partners zoals het Groene Klimaatfonds (GCF), de Stichting voor Bosbeheer en Bostoezicht (SBB), de Coalition for Rainforest Nations (CfRN) en Deutsche Bank. De regering was op hoog niveau vertegenwoordigd: naast minister Brunings waren ook minister van Regionale Ontwikkeling Miquella Huur en vicepresident dr. Gregory Rusland aanwezig.
Van beleid naar uitvoering
Suriname werkt momenteel aan een voorstel voor resultaatgerichte betalingen via het REDD+-mechanisme, gericht op bosbehoud, emissiereductie en duurzame ontwikkeling. Minister van Olie, Gas en Milieu, Patrick Brunings, benadrukte tijdens de bijeenkomst het belang van een gezamenlijke aanpak:
“We hebben onze klimaatdoelen vastgelegd in ons beleid, maar nu is het moment aangebroken om deze om te zetten in concrete resultaten. Dit vraagt om een gezamenlijke aanpak, waarbij Inheemse en Tribale Volkeren vanaf het begin betrokken zijn.”
Vicepresident dr. Gregory Rusland onderstreepte in zijn openingstoespraak de principiële betekenis van het traject. Klimaatfinanciering is volgens hem geen gunst, maar een erkenning van wat gemeenschappen in het binnenland al generaties lang doen: het beschermen van de bossen van Suriname.
Minister van Regionale Ontwikkeling, Miquella Huur, benadrukte daarnaast de centrale rol van Inheemse en Tribale Volkeren als beschermers van het bos en onderstreepte dat duurzame ontwikkeling alleen mogelijk is wanneer gemeenschappen actief worden betrokken en versterkt in hun eigen leefgebieden.



Consultatie als basis voor samenwerking
Tijdens de tweedaagse sessies spraken deelnemers over de eerlijke verdeling van voordelen uit klimaatfinanciering, het recht op vrije, voorafgaande en geïnformeerde instemming (Free, Prior and Informed Consent, FPIC) en duurzame ontwikkelingsmogelijkheden zoals agroforestry, ecotoerisme en visserij. Ook structurele uitdagingen, zoals landrechten, vervuiling en toegang tot basisvoorzieningen, kwamen aan bod. Het ministerie hecht er daarbij aan dat niet alleen traditionele leiders, maar ook vrouwen en jongeren een stem krijgen in dit proces.
De traditionele leiders hebben aangegeven de besproken informatie eerst met hun achterban te willen delen, waarna zij hun standpunten verder zullen bepalen.

Concrete vervolgstappen
Uit de bijeenkomst vloeien de volgende afspraken voort:
- het opstellen van een schriftelijk rapport met bevindingen en afspraken
- terugkoppeling naar de gemeenschappen via de traditionele structuren
- verdere consultaties op nationaal en districtsniveau
- de uitwerking van een concreet financieringsvoorstel voor het GCF
Volgens minister Brunings kunnen de eerste middelen binnen vier maanden beschikbaar komen, mogelijk eerder. Deze financiering maakt deel uit van het bredere traject rond klimaatfinanciering, waaronder mechanismen zoals carbon credits, en is bedoeld voor investeringen in gemeenschapsontwikkeling, sociale projecten en milieubescherming.
Suriname in een sterke uitgangspositie
Met een bosbedekking van meer dan 90 procent en een lage ontbossingsgraad behoort Suriname wereldwijd tot de landen met de meest intacte tropische regenwouden. Het ministerie ziet dit als een sterke basis voor het aantrekken van klimaatfinanciering via internationale mechanismen.
Het Ministerie van Olie, Gas en Milieu zal samen met nationale en internationale partners het consultatieproces voortzetten, met als doel de voordelen van klimaatfinanciering zichtbaar en voelbaar te maken voor alle Surinamers, in het bijzonder de gemeenschappen in het binnenland.