151 militairen zijn donderdag bevorderd in de naast hogere rang. Minister Uraiqit Ramsaran van Defensie benadrukte daarbij dat de bevorderingen niet alleen een erkenning vormen van rang en onderscheiding, maar vooral van de inzet, discipline en toewijding van de mannen en vrouwen in uniform die dagelijks in dienst staan van land en volk. “We zijn er nog niet. Er zijn nog achterstanden, en die gaan wij niet oplossen met woorden, maar met werk. Met structuur, discipline en volharding. Wat is blijven liggen, pakken wij systematisch op en brengen wij in orde”, zei de minister. Het bevorderingstraject ging in september 2025 van start en werd in januari 2026 voortgezet in zowel Paramaribo en Nickerie. In april is er opnieuw een stap gezet, en nu is verder invulling gegeven aan hetzelfde traject met een nieuwe reeks bevorderingen. Dit traject wordt in de komende periode voortgezet. Volgens de bewindsman is dit geen losstaand proces, maar een gefaseerde en bewuste aanpak om recht te doen aan mensen en om bestaande achterstanden stap voor stap weg te werken.
Minister Ramsaran deelde verder ook mee dat voor dit jaar er tevens wordt gekeken naar verbetering van de toelagen voor militairen. De voorstellen hiervoor zijn reeds ingediend en opgenomen in de ontwerpbegroting. Hij noemde dit een belangrijke stap in de verdere waardering en ondersteuning van het defensiepersoneel. “U heeft een minister die niet op afstand beleid maakt, maar aanwezig is. Een minister die luistert, die ziet wat er speelt en die midden in de organisatie staat niet alleen in beleid, maar ook in betrokkenheid”, aldus de minister. President tevens opperbevelhebber Jennifer Simons erkende dat militairen onder moeilijke omstandigheden werken, maar benadrukte dat de regering vastberaden is om deze zaken aan te pakken. “Wij zullen u en Suriname niet in de steek laten, maar wij doen geen valse beloften. We zien wat er schort aan voorzieningen en we weten wat er moet gebeuren,” stelde het staatshoofd.
Volgens de president zullen noodzakelijke verbeteringen stap voor stap moeten worden uitgevoerd, in samenhang met de mogelijkheden waarover het land beschikt. “Ondanks dat hebben we ons niet neergelegd bij wat we hier hebben. En we hebben met bevriende naties moeite gedaan om toch bepaalde voorzieningen te treffen. De regering zal u en het land niet in de steek laten. We hebben ons eraan gecommitteerd om de instituten voor in- en uitwendige veiligheid structureel te versterken, zowel met personeel als met materiaal. De rechtspositie van de militair die land en volk dient, moet geen punt van discussie zijn. Rechtspositionele zekerheid is het fundament voor rust, eenheid en motivatie. Ons doel is helder: duurzame institutionele versterking en capaciteitsopbouw”, aldus de president. De opperbevelhebber sprak haar vertrouwen uit dat de bevorderde militairen hun nieuwe rang met trots en waardigheid zullen uitdragen.







